Het fietsenatelier van Frans Laevens… Uren kan ik er verwijlen! En altijd, en toch nog onwillekeurig, resoneren in mijn hoofd daarbij die mooie gedichten van H.H. Ter Balkt (die zich toen nog, in 1976 Habakuk II de Balker liet noemen) ..
Wat een schitterende titel was dat toch: “Oud gereedschap mensheid moe“. Ik wou voorwaar dat ik hem (de titel) zelf had uitgevonden…
En op deze Wapenstilstandsdag, zoveel jaren later, lijkt de mensheid vermoeider te zijn dan ooit…
Altijd fijn om weer ’s in jouw geboortestad te zijn! Op zondag 27 november 2022 maak ik met veel plezier deel uit van het poëtisch gezelschap dat in Roeselare zorgt voor de tweede editie van een Internationaal poëzietrefmoment dat er niet om zal liegen! Plaats van afspraak de Augustijnenkerk van het Klein Seminarie, Zuidstraat 25, 8800 Roeselare om Gratis! en geschikt voor 14 tot 99 jaar! 🙂 (Wel vooraf even inschrijven)
Achttien dichters uit binnen- en buitenland lieten zich op initiatief van Stadsdichter #VANRSL Edward Hoornaert inspireren door het gedicht ‘Buigen of bersten‘ van Guido Gezelle en brengen een ode aan de weerbaarheid van mens en natuur.
De presentatie is in handen van Benedikte Crombez en stadsdichter #vanrsl Edward Hoornaert. De Nederlandstalige band Meander, die op de elfde editie van Nekka nog de publieksprijs wegkaapte, zorgt voor de muzikale noot.
De achttien dichters: Stadsdichter #VANRSL Edward Hoornaert/ Laura Accerboni (Ita)/Geert Jan Beeckman (BE)/ Rosa Berbel (SPA)/ Maxime Coton (BE)/Moya De Feyter (BE)/ Hamide Dogan (NL)/ Christine Guinard (FRA)/Peter Holvoet-Hanssen (BE)/Tijl Nuyts (BE)/ Paul Rigolle (BE)/Arnoud Rigter (NL)/Steven Van Der Heyden (BE)/ Ann Van Dessel (BE)/Shari Van Goethem (BE)/Wim Vandeleene (BE)/ Reinout Verbeke (BE) en Martje Wijers (NL)
Een volle Gentse Vier Nul Vier-zaal enkel en alleen voor de literatuur? Ja hoor, dat kan! Ook in deze tijden van likes en vluchtigheid… De Georgische schrijfster Nino Haratischwili (van de niets ontziende en onverbiddelijke bestseller ‘Het achtste leven’) is dan ook niet zomaar een schrijfster! Haar nieuwe boek “Het schaarse licht” werd gisterenavond voorgesteld tijdens een uitgebreid interview met Marnix Verplancke.
Het leeslijstje is met ‘Het schaarse licht’ alweer een ‘kasseisteen’ van een boek rijker.
Een quote uit het gesprek die zowat iedereen liet glimlachen gisterenavond: ‘Men are the head, women are the neck, you can turn it in all directions’.
Nino Haratischwili, Het schaarse licht, Meridiaan Uitgevers, 832 p., 34,99 euro. Vertaling Jantsje Post en Elly Schippers. RV
Achteloosheid… Soms legt een impressie zich vast zonder dat je er veel erg in hebt. Zoals het geval op deze foto die ik zaterdag nam in het atelier van José Vermeersch. N.a.v. de expo “100 jaar José Vermeersch”.
Een zondag in september… Geen tijdstip is beter geschikt om met je ‘petekind’ (Ward Rigole) te toasten op “de aerokogel uit Schepdaal”, Remco Evenepoel zijnde de nieuwe wereldkampioen en Hét Leven. Die fles ‘Tomasella Spumante Rigole’ maakte het tafereeltje naar ons gevoel helemaal af.
Een uitstapje naar onze Noorderburen daar zeg je, wat mij betreft, nooit neen tegen. Zeker niet als je even mag logeren met uitzicht op het Braassemermeer in een lieflijke plaats die Roelofarendsveen heet.
Directe aanleiding van ‘ons omwegje’ was de tentoonstelling ‘Ground’ van alweer één van onze all-time-favorites-artists Antony Gormley, in het Museum Voorlinden in Wassenaar. We leerden het werk van Gormley al kennen in het gezegende jaar 2003 toen hij honderd (100!) van zijn gietijzeren mensen in diverse gedaantes op het strand van De Panne plaatste. ‘Another Place’ was toen zijn verbluffende bijdrage aan Beaufort 2003 die, voor wie ze heeft gezien, nog heel lang na datum bleef nazinderen. Later smaakten we van Gormley zeer fel zijn scenografisch werk voor een aantal dansvoorstellingen van Sidi Larbi Cherkaoui. En ooit willen we, zoals wel meer Gormley-fans in de schaduw staan van ‘Angel of the North’, zijn iconische beeld in het Noord-Engelse Gateshead dat zelfs telkens weer de generiek van ‘Vera’ weet te halen.
In Wassenaar kreeg Gormley met zijn sculpturen en impressies helemaal op de maat van deze tijd gemaakt, de voorbije lente en zomer een vrijgeleide van het Museum Voorlinden om er, binnen én buiten, een overzichtstentoonstelling van zijn werk op te zetten. En voorwaar die is zéér de moeite! En dat is zeker – Art is the Antidote – ook het geval voor de highlights uit de collectie van het museum zelf.
Voor de liefhebber: ‘Ground’, nog tot en met 25 september 2022
Voorlinden museum & gardens, Buurtweg 90, 2244 AG Wassenaar (Nl)
Antony Gormley – Museum Voorlinden – september 2022Antony Gormley – Breathing Room III – 2010 – Museum Voorlinden 2022Antony Gormley – Clearing VIII – 2022 – Museum VoorlindenAntony Gormley – Critical Mass II – 1995
Vijfentwintig jaar geleden overleed kunstenaar Koen Scherpereel.
Time flies… Vandaag is het exact vijfentwintig (25!) jaar geleden dat de begenadigde kunstenaar Koen Scherpereel na een schielijk ongeval in het atelier van een bevriend kunstenaar, op amper 36-jarige leeftijd is overleden…
Koen Scherpereel (3/3/1961-17/8/1997) was vooral een tekenaar en een fijnzinnig etser maar hij schilderde ook zijn fabelachtige wereld vol engelen en demonen bij elkaar. Zelf herinner ik mij meer dan levendig zijn debuut in Galerij ’t Leerhuys in Brugge in 1983. Wat een verbluffende expo van een nauwelijks 22-jarige was dat! Bij de tiende verjaardag van zijn overlijden werd in Meetkerke, waar Koen de laatste jaren van zijn leven woonde nog een flinke retrospectieve met nagelaten werk van hem opgezet. Op zijn eigen website haalt Karel, zijn broer, gemeenteraadslid in Brugge, integere herinneringen aan Koen op.
Koen Scherpereel, permanent schilderend, en in onstuitbare vlagen van ‘écriture automatique’ en inspiratie ook schrijvend, was als veelzijdig kunstenaar nauwelijks bij te houden… “Ik kan geen doek wit laten en wat ik schilder is literatuur”, zei hij zelf over die passionele gedrevenheid. Criticus Luc Decorte omschreef zijn werk als ‘Feesten van pijn, angst en verlangen’. In een monografie die in 2001 postuum werd uitgebracht schreef Fernand Bonneure: “Koen zal in lengte van dagen bekend en geliefd blijven omdat hij wakker en alert is geweest en zich in zijn kunst ook zo heeft getoond, eerlijk en volhoudend. En omdat hij, waarschijnlijk spontaan, veel vingers op veel wonden heeft gelegd en dit zou dan wel het finale getuigenis kunnen zijn van zijn leven en zijn kunstenaarschap. Want de herinnering is de vrijheid van het verleden.”
Vijfentwintig jaar na zijn dood is en blijft de slotsom dat Koen Scherpereel samen met zijn onblusbaar talent veel te vroeg van ons is vandaan gegaan.
Sommige mensen zijn minder dood dan de anderen. Dat was (en is) zeker het geval voor Koen Scherpereel!
“Alsof je eindelijk geworden bent wat je al die tijd wou zijn. Iemand die aan een einder staat en weet: Het is het kijken naar. Het is het buiten staan, waaraan jij moet lijden. De trots van hij
die opgesloten zit, en in zijn hoofd een verdronken land bewaart, is het, die jouw hand doet glijden. Over het bleke marmer van de droom uit één stuk te zijn.”
Uit ‘Stuk‘ (een gedicht in de bundel ‘Van het hart een Steen‘)
Met enigszins wat verstopt in mijn bespreking zelfs een ‘persoonlijk statement‘:
“Ik begrijp dat het soms behelpen is en mensen hun toevlucht nemen tot dit soort beperkende omschrijvingen. Maar wat mij betreft – hier volgt een statement! – zijn er enkel gedichten – één voor één gemaakt van intensiteit en taal – waarvan ik hou en gedichten waar ik niet van hou omdat ze bij mij eenvoudigweg niets weten los te maken. Te veel of te weinig glazuur… Te veel of te weinig ijzer… Té opgepoetst of al te blinkend aangekleed in hun doorzichtigheid. “