Beeld: ‘Homeless Jesus’ van Timothy P. Schmalz – Magadalenakerk Brugge – za 15/7/2023
Romantiek
Romantiek. Ach wat, het woord is veel te dik voor wat een man verdragen kan, geen draaiboek kan sterker dan het leven zijn. Schelden en vechten, dansen, drinken, eten, vrijen, werkwoorden van elke dag, daar gaat het om. Water en brood, wildernis, bliksem die ooit de eik zal splijten, over alles had je het waarop men niet te wachten zat. Filmend binnen de muren van jouw eigen huis, in clair-obscur dat naar het leven staat, in zwart en wit, de beelden sneden los wat niet los wou zijn. Je liet niet af,
er was geen reden voor, je ging maar door. Tegen het maatwerk, tegen de tijd, als het moest zelfs met de botte bijl. In Hollywood joegen ze jou de tempels uit, jouw naam stond op hun lijst. Maar jou een zorg, hun tamme droom heeft zelden iets met vlees en bloed vandoen, ze hebben ogen die niets zien. Weten zij veel dat wat aan het eind van elke lijn van ons moet resten, wel vaker samenvalt, met wat verkleumd en uitgeblust blijft liggen, lichaam op een bank in het park waaraan in de ochtend fluitend voorbij gelopen wordt.
Uit de cyclus “Too late blues” – Al te late brieven aan John Cassavetes (1929 – 1989) en anderen. In de bundel “Van het hart een steen“, Poëziecentrum 2009.
Af en toe publiceer ik op deze pagina’s een nieuw of oud gedicht; van vroeger of van vandaag. Op de pagina “Alle gedichten tot dusver en verder” worden ze verzameld.
“Altijd fijn om ’s de koppen bij elkaar te steken!”
Gisteren mocht ik voor de Vereniging van West-Vlaamse Schrijvers (VWS) een mooi gesprek hebben met Gie Devos. Over onder meer “Twintig jaar Penhuis” en het nieuwe eenentwintigste (!) seizoen van straks (met daarin de 100° aflevering). (Zie: Het Penhuis). En meer nog over schrijven en tekenen in dit leven. Het relaas van het gesprek vind je eerlang in het nieuwe VWS-jaarboek “Jaarwerk MMXXIII” dat verschijnt op vrijdag 13 oktober 2023 en tgv de uitreiking van de jaarlijkse VWS-prijs wordt voorgesteld in Roeselare.
“Het terras van Bistro juste Kortrijk was, als je het mij vraagt, gisteren hélemaal de juiste plaats!”
In afwachting van het nieuwe Penhuis-seizoen plaatst Gie Devos vanaf vandaag elke dag een affiche op de FB-pagina van Het Penhuis. Vandaag de mooie (en licht aandoenlijke) aankondiging van de eerste Penhuis-bijeenkomst op 29 oktober 2003 met Peter Verhelst!
Op Radio 1 loopt dezer dagen de nieuwste editie van de Classics 1000. Ja, er zullen in de lijst ongetwijfeld dingen staan waarvan je blij bent dat je ze nog ’s hoort. Andere nummers zijn vaak inwisselbaar voor dingen die er omjoostweetwelkereden niet instaan. De zinloosheid van lijstjes, je kent dat wel… Maar veel nummers zijn afkomstig van…
Verleden week maakte ik met plezier drie dagen zoek in Het Noorden. ‘La Piscine’, ‘Villa Cavrois’ en ‘Musée Matisse’, het zijn stuk voor stuk plaatsen die meer dan ‘le détour’ verdienen. Als uitvalsbasis was ‘B&B De Deugdzonde’ in Sint-Denijs uitermate geschikt. Een verslagje staat op mijn weblog. Meer foto’s vind je op deze publieke facebook-pagina.
Mag ik jou, mag ik jullie voor het nieuwe jaar alweer het allerbeste wensen. Ja, natuurlijk mag ik dat! Héél veel liefde, geluk, veerkracht en vooral veel Schoonheid gewenst voor een zo gezond mogelijk en creatief 2023.
Bart Vonck (l) ontvangt de VWS-prijs 2022 – een beeld van Renaat Ramon
Bart Vonck aan het feest! Dichter, vertaler en essayist Bart Vonck ontving zaterdag laatst in Oostende geheel en al terecht de VWS-prijs voor 2022. Hij werd als laureaat de gelukkige bezitter van ‘Factum’ een authentieke Renaat Ramon! De hommage-tekst van Alain Delmotte en het mooie dankwoord van Bart zijn ondertussen na te lezen op de ‘Dun lied donkere draad’ site van de vereniging. Ook op de De Schaal van Digther-site staat een bericht.
VWSprijs #VWS #BartVonck #AlainDelmotte #RenaatRamon Hierbij de linkjes naar de drie teksten:
Een dagje Brussel (Picasso & Abstraction!) afsluiten in het mooie voetlicht van Bozar… ‘Meet the writer’, het blijft een goed idee. Rachel Cusk: “Writing was just a way of taking justice into your own hands.” Interview: Nicky Aerts
Een zondag in september… Geen tijdstip is beter geschikt om met je ‘petekind’ (Ward Rigole) te toasten op “de aerokogel uit Schepdaal”, Remco Evenepoel zijnde de nieuwe wereldkampioen en Hét Leven. Die fles ‘Tomasella Spumante Rigole’ maakte het tafereeltje naar ons gevoel helemaal af.
Looking for the artist Enkele aantekeningen bij de tentoonstelling XXII met nieuw werk van Joost Gevaert 20/05 > 19/06/2022, Gevaert Galerie, Zwevezele
Vrijdag 20 mei 2022
Joost Gevaert heeft iets met Romeinse cijfers. Zijn vorige tentoonstellingen gaf hij kort en krachtig de titels XIX en XX mee. Het mag ons dus niet verbazen dat we hier, op deze mooie inspirerende plek, samen zijn voor een nieuwe tentoonstelling die kortweg XXII heet. Een ondertitel zoals het geval bij de vorige (‘Abats des jours’) is dit keer afwezig. De kunstenaar blijkt overigens in het algemeen niet erg veel op te hebben met al dan niet verhelderende titels. En dat geldt zelfs voor zijn werk zelf. Nog het liefst van al, zo vertrouwde hij mij onlangs toe, gaf hij zijn werken helemaal geen titels maar bondige bijna koel-mathematische omschrijvingen als ‘untitled’ of ‘zonder titel’ mee. Maar titels zijn nu eenmaal een soort noodzakelijk kwaad; hulplijnen om het werk te benoemen.
Met deze XXII waarvan het derde cijfer met rood is opgemaakt, is Joost Gevaert aan zijn derde tentoonstelling toe in nauwelijks drie jaar tijd. Ook was zijn werk vorig jaar te zien in Roeselare in Ter Posterie op de boeiende tentoonstelling Time & Tide.
De vreemde pandemie die ons veel langer dan ons lief is heeft verlamd, ja zelfs verdeeld, lijkt naar buiten toe dus nauwelijks vat gehad te hebben op de onverbiddelijke kunstenaar die Joost is, én blijft. Natuurlijk, ook hij kijkt niet zorgeloos om zich heen. Pandemie, klimaat, de oorlog in Oekraïne … Er zijn in deze tijd kopzorgen genoeg voor de ordinaire stervelingen die we allen zijn. En specifiek stelt Gevaert zich ook wel ’s de vraag: wat betekent het om in deze tijd kunstenaar te zijn? En veranderen de sterk evoluerende wereld en denkwijzen de kijk van de artiest? Hebben die invloed op het werk zelf? Moet de kunstenaar nog wel voor een hommage aan de schoonheid zorgen? Het zijn vragen die ook Joost bezighouden maar er hem niettemin niet van weerhouden om onverminderd te doen wat hij hoort te doen: nieuw werk maken, zeg maar het beste werk maken naar eigen vermogen.
En dat blijft hij onverdroten doen, op een af en toe verbluffend veelzijdige manier. Dat is ook in deze XXII-tentoonstelling te merken. De kunstenaar werkt intuïtief, kwiek en alert, in een handomdraai switchend van discipline naar discipline, van medium naar medium. Er zijn nieuwe intrigerende schilderijen te zien, naast aquarellen, tekeningen, 3D-dingen, kijkkastjes, borden en vissen in aluminium.
De bijzondere thematiek van het totale werk zie je uitstekend weerspiegeld in de hashtags die hij op Instagram gebruikt en waar hij sinds zijn eerste post op 15 september 2018 een heel mooi overzicht biedt van zijn werk. Sociale media mogen dan voor sommigen een vloek zijn voor wie het werk van een kunstenaar op de voet wil volgen zijn ze een zegen. Elk voordeel heb zijn nadeel, zou Johan Cruijf zeggen. De instagram-hashtags bij Joost liegen er niet om: #abandoned #behindwindows #shadow #vide #cloudeddroom #absence #space #empty #windows #illusion #aroomwithaview #shelter #illusion #anotheremptyspace Of hoe een kunstenaar zijn thematiek en zichzelf, misschien wel meer dan hij zelf wenst, weet prijs te geven. “Authenticity, often mistaken for naïvity” schreef iemand, Frederik Vanlaere, om hem niet bij naam te noemen bij een van de werken. En da’s geheel terecht.
De schilderijen en bij uitbreiding het hele werk van Joost roepen een vreemde, bijna voelbare spanning op. De ruimte wordt in veel werken begrensd en intens afgetast. Wat regelmatig opduikt zijn de ‘dots’, de ronde vlekken en de opstijgende vlekjes die een wat wrevelig en bevreemdend effect sorteren. De werken beelden vaak een contradictie uit: de volheid van de leegte en de leegte als invulling en bezieling van de ruimte. Daar verwijzen ook veel titels naar: Yellow space, For rent, Salmon room, Schaduw, Landschap, Gele Ruimte, Bonte Kamer, Blauwe ruimte, Bewolkte kamer… Lege kamers blazen de verbeelding leven in. In andere is er het struggelen met de lichamelijkheid. In veel ruimtes staat er iets te gebeuren, of lijkt er net iets gebeurd. Iets waar de kijker in een droomgebied, een tussentijd terechtgekomen, niet meteen de vinger weet op te leggen. Aanwezigheid lijkt op fluisteren. Shelter komt naast vide en shadow te staan. Er is vaak desolaatheid. Huis clos. Met de dichter Hans Lodeizen kun je zoals in zijn bekende regel zeggen: “Deze wereld is niet de echte”. Er zijn, voor wie er voor open staat, nog meer literaire reminiscenties in het werk van Gevaert aan te treffen. De vissen in aluminum, hoewel ook aan Magritte refererend, doen mij denken aan de Japanse schrijver Haruki Murakami. In een van zijn beste boeken ‘Kafka op het strand’ vallen ook bij hem de vissen als regen uit de hemel.
Deze tentoonstelling is meer dan de som van alle bij elkaar gebrachte werken. De meervoudige gelaagdheid in het werk van Joost zet ons geregeld op het verkeerde been. Trompe l’Oeil, optische illusies genoeg, geloof nooit wat je ziet. Een vleugje humor en een kwinkslag zijn nooit ver weg. ‘Let’s call this one untitled’ heet het ironisch in een werk uit 2020. ‘Meestal probeer ik iets te schilderen’ en ‘soms probeer ik niets te schilderen’ zegt de kunstenaar in 2019 in het kunstentijdschrift ‘The Art Couch’ over de essentie van zijn kunstenaarsschap.
En graag besluit ik deze aantekeningen met een persoonlijke noot. In de jaren zeventig van de vorige eeuw had ik het voorrecht om Wilfried Gevaert, de vader van Joost, goed te leren kennen. Er was toen zelfs even sprake om samen iets artistieks te beginnen. Daaraan moest ik eind verleden jaar met veel warmte terugdenken toen Joost mij uitnodigde om samen met hem ergens in de meersen van Moorslede de opening van een veldoven met ondermeer werk van hem bij te wonen. “Een feest van bouwen, stoken, wachten”. Een erg mooie ervaring was dat en ze confronteerde mij met een intense periode uit mijn eigen verleden. Zoveel jaar later zag ik de man die Wilfried Gevaert was, gereflecteerd in de man en de kunstenaar die zijn zoon geworden is. Het was een moment, een van de vele, waar ik dankbaar om ben. Zoals ook deze tentoonstelling werken bevat – daar ben ik zeker van – die impressies zullen oproepen waar we alleen dankbaar om kunnen zijn. Dankbaar ook om de schilderijen en beelden die naar de handen van de kunstenaar blijven zoeken. Om uiteindelijk iets te betekenen in het leven. En in de wereld.
Paul Rigolle, Telkst uitgesproken bij de Vernissage van XXII, expo met werk van Joost Gevaert Galerie Gevaert, vrijdag 20 mei 2022
Misschien zit ook bij mij de ouwe Heer Thomas Stearns Eliot er wel voor iets tussen… Zou het? Kan het! Vaak en veel geciteerd alvast – en niet alleen door mij – is dat eerste, overbekende vers uit ‘The Burial of the Dead’ uit “The Waste Land” dat uit het gezegende jaar … 1922 dateert…
‘April is the cruellest month, breeding Lilacs out of the dead land, mixing Memory and desire, stirring Dull roots with spring rain.’ (…)
En kijk – honderd jaar en een eeuwigheid later – schrijven we, schrijf ik, alweer eind april en daar, daar treden net als elk jaar opnieuw de blikkerende scharen van de ploegen aan om alles bloot te leggen en te ontginnen. Om de winter achter ons te laten en open te breken wat – diepe ader van de aarde – was dichtgeslibd…
Weinig, weinig gaat wat mij betreft boven de aanblik van die brakke, blote, opengereten Aarde van April. Klaargelegd, omgeploegd en aangesneden voor wat komt! Een vorm van intense blijheid maakt zich zowaar van mij meester. Een blijheid is het die haaks staat op de gevoelens die de actuele toestand van de wereld momenteel oproept.
Maar mag het even… Dat hoop scheppen, dat moed vatten… Laat april – wreed of niet, cruel or not – dus nog maar even duren!