Zondag laatst 8/2/2026 was ik een van de blije genodigden tijdens het eerste literair salon van ‘Luchtmens‘ Edward Hoornaert. En zo kan men zich een uitstekend geslaagd literair salon nog het best voorstellen: een zondagvoormiddag met dichters die zich een voor een lieten inspireren door een vooropgezet thema. Dit keer was dat het thema van ‘de halfslaap’ én het gedicht ‘Visser van Ma Yuan’ van Lucebert.
Volgende week zaterdag 20 december 2025 ben ik om 15:30 u., samen met nog een pak andere gedreven poëzieliefhebbers, present in het lieflijke ‘Landgoed de Campagne’ in Drongen. Ik ga er tijdens de voorstelling van “Verdraaide liefde”, zijn gloednieuwe dichtbundel, graag in gesprek met dichter, literair criticus en publicist Jan M. Meier. Ik kijk er zowaar al stevig naar uit!
Mijn vragen zullen uiteraard vooral betrekking hebben op ‘Verdraaide liefde’, de nieuwe bundel, maar ook het vroegere werk van Jan komt zeker aan de orde. Zijn nieuwste dichtbundel is intussen sinds het verschijnen van ‘Engelenspoor’ in 2017 al zijn 6° bundel bij Uitgeverij P in acht jaar tijd! Weinig dichters doen hem dat na.
Op de Schaal van Digther staat nu mijn inleiding na te lezen die ik schreef voor de voorstelling van de debuut-poëziebundel “Onderkoorts” van mijn vriend en voormalig dorpsgenoot Kris De Lameillieure. Dit is de link:
Drie gedichten en een recensie in het zomernummer van 2025 van ART04
In het zomernummer van 2025 van het kunsttijdschrift ART04 – nummer 82 al – staan mijn gedichten ‘Passer’, ‘Slang’ en ‘Respijt’. De drie gedichten komen uit ‘Het Omber en het Oker‘ mijn recente bundel. Zij worden met ‘De verantwoordelijkheid van de dichter‘ vergezeld van een recensie van Andreas Van Rompaey. De volledige recensie kun je nalezen via dit blogbericht.
Op zaterdag 11 Oktober 2025 gaat om 19:00 uur in Cultuurcafé Het Parlement in Harelbeke een Literaire Ontmoeting tussen Noord en Zuid door. Op de affiche staan Noud Bles, Paul Rigolle, Arne Deprez en Etienne Colman. Er is muziek van de Caravan Juke Joint Band en Andreas Van Rompaey staat in voor de presentatie. De organisatie is in handen van Kunstkring De Geus die ook, en dat al sinds 2004, het kunsttijdschrift ART04 publiceert.
Als mijn info helemaal klopt dan stuurt Raymond Noë, publicist, columnist en redacteur van Boekenkrant en Onze Taal al sedert het gezegende jaar 1997 (!) (toen het internet nog maar pas kwam kijken) onder de naam Laurens Jz Coster, elke werkdag aan de poëzieliefhebbers die dat wensen, per email een gedicht. Het is een fantastische en onvolprezen gedichtenmailservice waaraan ik zelf – samen met duizenden andere liefhebbers – al jaren plezier beleef. Bijgaand en aanvullend is er ook de blog: https://laurensjzcoster.blogspot.com/
Dubbel plezier doet het mij nu dat ik vandaag op zijn onvolprezen de Coster-lijst als “Dichter van de dag mag fungeren”. Dat betekent dat een groot aantal poëzieminnaars vandaag twee gedichten uit mijn recente bundel “Het Omber en het Oker” in hun mailbox krijgen. Waarvoor heel veel dank! Het zijn de gedichten: Okkernoot en Passer. Ik plaats ze hieronder ook nog ’s in hun geheel.
In 2018 kreeg Raymond Noë voor zijn onvolprezen maildienst een Visser-Neerlandia-prijs. Marc van Oostendorp schreef daar in september 2018 toen dit over:
“Toen Noë bijna 20 jaar geleden met zijn werk aan Coster begon, was er nog maar heel weinig literatuur op het internet, en al helemaal nauwelijks Nederlandse lyriek. Het is niet overdreven om te zeggen dat Noë’s inspanningen een belangrijke rol hebben gespeeld om onze dichters een stem te geven op de grote marktplaats die het internet inmiddels is. Het is heel belangrijk voor de literatuur dat mensen blijven proberen nieuwe vormen te vinden om te kunnen blijven genieten van de klassieke letteren. Ik ben blij dat hij deze prijs krijgt. Ik ben trots dat Neerlandistiek de gedichten ook mag plaatsen.”
Dat we trage dieren zijn met een intellect dat schrijnt, het wordt beweerd, het staat geschreven. De okkernoot van ons brein
laat niets aan toeval over. Keer op keer draaien wij de waarheid om en wachten op de lessen die het leven ons moet geven.
Steeds hogerop, ladderdrift mijn deel, wuif ik weg wat ik niet wil weten. In een klassiek en wild gebaar maak ik van elk plafond
een hemel. Wat er nog niet is zal ik maken, hoogmoed zit mij als gegoten, past mij zoals alleen een hoofd kan passen in mijn handen.
•••
Passer
Aan elk schrijven hoort een visioen vooraf te gaan. Eerst komt het oerbos, diep en stil. Bramen, struiken, lianen slingeren zich in touw de bomen uit. Groot en levensvatbaar schrijft de trek zich in de vlucht van vroege vogels in.
Dieren kiezen vasteland. Wie straks rechtop zal staan doemt kruipend op. Figuren, personen breken uit hun lijst. Mensen zwellen in de straten aan. Eentweedrie een optocht. Een mars, een stil protest. Een foto scheurt ze uit.
Tijd vloeit het uurwerk uit. Het punt kruipt opnieuw de passer in. Klank houdt woord. Of het snelsnel of werk van lange adem wordt, moet nog blijken. Wat onomkeerbaar is, is nog lang niet klaar.
Ik schreef het gedicht een aantal jaar geleden. Daarin lees je o.a. over mijn ‘verzuchting’ om ooit – once in a lifetime – naar Carnac en Bretagne te reizen. Dat is deze zomer ook werkelijk gelukt. Een reisverslagje over de paar dagen die we volop aan “megalieten-tijd” spendeerden lees je hier: https://paulrigolle.wordpress.com/2025/08/08/313/ Facebook-bericht van Vr 8/8/2025
Veel, heel veel dank aan zij die zondag 23/3/2025 om 11:00 uur de weg naar de Snuffel vonden. En naar ‘Het Omber en het Oker’. Blij met de bundel! Blij met de talrijke opkomst! Blij met de logistieke steun ook van de Snuffel! Veel dank aan Willy Brandt voor de schitterende foto’s!!! (Eén voor één om te ‘liken‘). En ook veel dank aan The Caravan Juke Joint Band (Muziek), Tania Verhelst (Inleiding),Edward Hoornaert (Gesprek), Pol Delameillieure (cover vooraan), Goedele Peeters(cover achterflap) en wie ik nog allemaal zou vergeten. Ook veel dank uiteraard aan mijn uitgeverLeo Peeraer en Uitgeverij P voor de mooie, verzorgde uitgave. En nu wens ik aan iedereen – ook aan zij die er niet waren – véél poëtisch leesgenot.
Ha, daar kan een mens werkelijk blij en compleet in zijn nopjes mee zijn! De cover van mijn komende dichtbundel ‘Het Omber en het Oker‘ is klaar en goed & wel bevonden!
Bij deze: graag nog ’s zeggen dat iedereen welkom is bij de voorstelling op zondag 23 maart 2025 e.k. om 11:00 uur in ‘Hostel De Snuffel” Ezelstraat 42 in Brugge. Een officiële uitnodiging met het programma volgt!
(uit ‘Too late blues’, al te late brieven aan John Cassavetes en anderen )
Album dat zich opent als een deur. Zie ons staan! Middenin een decennium zonder naam of taal, Herfsttij der Seventies, vrijheid blijheid in het tijdschrift van de tuin. Getrouwd en wel, glimlach van de wereld, job, auto, huis, en een hoofd dat net nog niet naar de wind wou hangen, hebben we voor het eerst jouw films gezien. In een aftandse zaal lagen de kopieën klaar. Ik vertaal ook nu nog vrij: Schaduwen, Te late Blues, Kind dat wacht, Echtgenoten, Openingsnacht. Vrouwen
onder invloed, Gezichten, Gloria, de beelden sprongen van het doek, sloegen tussen onze ogen toe. Aan jouw kicks en kijk ten prooi schoven we over het hout van onze stoel, alsof waarheid nooit zonder pijn bestaat. Na afloop, ik zie het nog, aten we in de Hobbit, ribben met de blote hand, lachten de scherpte weg, raakten het bij de wijn toen al niet eens of het al dan niet te vroeg voor woorden was, voor wat, vroeg of laat, net als in die films van jou ook in onze ziel ontbranden moest.
Zevenblad#7… Voorwaar een ontdekking van formaat! En erg blij dat er in het 7° nummer drie gedichten van mij mogen staan! Een drietal dat straks ook in “Het Omber en het Oker” wordt opgenomen. Andere bijdragen zijn voor de Beeldende kunst van Albert Van Der Weide, Angeline Lips, Barbara Polderman, Emily Kocken, Femke Vindevogel Art, Frans van Tartwijk en Miyuki Okuyama. En voor de poëzie van: Antoin Lender, Arno Kramer, Ellen Boersma, Inge Winter, Jasper Van Den Broek, Norbert de Beule, Paul Rigolle en Roelof Schipper. Redactie: Menno Wieringa en Inge Pollet.
Zondag 15 december 2024 …/… Gisteren werd in Oudenaarde het ‘Poëziepad Donkvijver’ ingewandeld. De decemberkou was te harden en de poëzie was bijzonder. Veel, heel veel dank aan Stadsdichter Eddy D’Haenens voor het prachtige initiatief en dank ook aan de Openbare bibliotheek Oudenaarde voor de organisatie. Op het pad kun je gedichten lezen van Elise Vos (‘Morfemen’), Francis Cromphout (‘De witte wolk’), Eddy D’Haenens (‘Diep stil water’ en ‘De eerste keer’), Astrid Arns (‘Achterom’), de nieuwe Antwerpse Stadsdichter Esohe Weyden (‘Waarom ze van de maan houdt’), Hans Claus (‘Presenteisme’), Andre Vansteenbrugge (‘Vlaamse Ardennen’), Lut De Block (‘Toen’), Amina Belôrf van wie vandaag een nieiuwe bundel wordt voorgesteld (‘Omhoog’) en van mij Paul Rigolle is er ‘Een stem in de tijd’.) Facebook-bericht van 15 december 2024 (met foto’s)
Gedichtendag vandaag! En meteen ook het begin van de Poëzieweek. Ik weet het, het is ‘maar’ een ‘campagne die amper één week duurt’, maar het is en blijft wél een campagne die beroep doet op het gegeven dat de poëzie mensen met elkaar weet te verbinden (en niet tegen elkaar opzet) “door op te trekken met de oude dingen die woorden zijn, en die zoveel hebben gezien en gehoord” (dixit Guido Vanhercke op FB en op zijn website gisteren).
Dus ook hier mag en zal – wat had je gedacht – een gedicht vandaag niet ontbreken! Opgediept uit de archieven: het gedicht ‘Lamp’ uit ‘Van het hart een steen’. (Poëziecentrum, 2009).